Meer vennootschappen met lagere vennootschapsbijdrage

Belgisch Staatsblad. ? Alleen vennootschappen die vorig jaar een balanstotaal hadden van meer dan 700.247,09 euro, betalen dit jaar de maximale vennootschapsbijdrage aan het sociaal statuut van de zelfstandigen. Vorig jaar lag die drempel lager, waardoor toen meer vennootschappen boven de drempel uitkwamen en de maximumbijdrage moesten betalen.
De vennootschapsbijdrage zelf stijgt niet.

Vennootschappen die volgens de cijfers van de Nationale Bank in het voorlaatste afgesloten boekjaar een balanstotaal hadden van meer dan 700.247,09 euro, betalen in 2019 de maximale vennootschapsbijdrage van 868 euro.
Vorig jaar lag die drempel nog op 681.341,33 euro.

Vennootschappen met een balanstotaal dat lager of gelijk is aan 700.247,09 euro, betalen 'maar' 347,50 euro.

De bijdrage moet ten laatste op 30 juni 2019 op de rekening staan van het sociaal verzekeringsfonds. Voor starters bestaat een apart regime.
Wie te laat is, betaalt een surplus van 1% per maand vertraging.

Van toepassing

België.

Retroactief. Vanaf 1 januari 2019.

Bron: Koninklijk besluit van 29 maart 2019 houdende wijziging van het koninklijk besluit van 15 maart 1993 tot uitvoering van hoofdstuk II van titel III van de wet van 30 december 1992 houdende sociale en diverse bepalingen, met betrekking tot de invoering van een jaarlijkse bijdrage ten laste van de vennootschappen bestemd voor het sociaal statuut der zelfstandigen, BS 8 april 2019.

Zie ook:
KB van 15 maart 1993, art. 2bis-2ter.
Wet van 30 december 1992, art. 91 e.v.