Gegarandeerde dienstverlening voor personenvervoer bij spoorstaking

Een nieuwe wet garandeert de continuïteit van de dienstverlening voor het personenvervoer per spoor in geval van staking. Op die manier wil men de openbare dienst continu, regelmatig en zonder onderbreking waarborgen.

Let wel, het is niet de bedoeling om een minimale dienstverlening te verzekeren. Het gaat hier enkel om een gegarandeerde dienstverlening met het personeel dat zich bereid heeft verklaard om te komen werken. De continuïteit is enkel gegarandeerd wanneer er voldoende werkwillig personeel aanwezig is.

Minimumtermijn

Uitgangspunt is dat men geen afbreuk doet aan het stakingsrecht van elk personeelslid. De uitoefening van dit recht wordt op geen enkele wijze afhankelijk gemaakt van enige voorafgaande toestemming.

Het gaat hier om stakingen waarvan de stakingsaanzegging op een regelmatige wijze is ingediend. Daartoe wordt de termijn van acht werkdagen voor de indiening van een stakingsaanzegging wettelijk vastgelegd. Het gaat om een minimumtermijn.
Namelijk: 'Bij stakingen ingeleid in het kader van de procedure van aanzegging en overleg naar aanleiding van sociale conflicten overeenkomstig het syndicaal statuut van de Belgische Spoorwegen wordt een minimumtermijn van acht werkdagen gerespecteerd tussen het indienen van de stakingsaanzegging en het begin van de staking.' De wetgever vult daartoe de wet betreffende de NMBS en het personeel van de Belgische Spoorwegen aan.

Vrijwilligers

In de praktijk komt het erop neer dat 'vrijwilligers' - dat zijn dus personen die vrijwillig niet deelnemen aan de aangekondigde staking - voor de dienstverlening zullen instaan. Er is geen sprake van opvordering van het personeel, zodat het uiteindelijke vervoersaanbod op een stakingsdag afhankelijk zal zijn van het aantal beschikbare personeelsleden.

Concreet betekent dit dat elk personeelslid dat behoort tot een beroepscategorie die vanuit operationeel oogpunt als essentieel wordt beschouwd om de dienstverlening te waarborgen, een verklaring zal moeten afleggen.

Een nieuw hoofdstuk in dezelfde wet omschrijft voortaan de modaliteiten bij de stakingen die op die manier worden ingeleid. De opstelling van de praktische regels - zoals het bepalen van de noodzakelijke beroepscategorieën of de wijze waarop de intentieverklaringen moeten worden medegedeeld - wordt grotendeels overgelaten aan Infrabel, de NMBS en HR-Rail. Maar omwille van de 'gevoeligheden' die misschien bij de uitwerking van dergelijke regelgeving aan de orde kunnen zijn, bepaalt de nieuwe wet dat het Sturingscomité, dat een paritaire samenstelling kent en op het niveau van de Belgische Spoorwegen functioneert, een advies geeft binnen een termijn van dertig dagen.

Aangepast vervoersaanbod

Zo gaat men te werk:

De directiecomités van Infrabel en de NMBS bepalen in overleg en na advies van het Sturingscomité welke operationele beroepscategorieën zij essentieel achten voor een aangepast vervoersaanbod.

Het Sturingscomité moet advies geven binnen een termijn van dertig kalenderdagen na de gezamenlijke aanhangigmaking door de directiecomités van Infrabel en de NMBS.

Die directiecomités bepalen in overleg de vervoersplannen op basis waarvan een aangepast vervoersaanbod aan de gebruikers kan worden verstrekt bij een staking. Die plannen worden regelmatig geëvalueerd.

De ondernemingen doen een beroep op de personeelsleden van de ?voormelde beroepscategorieën? (die niet deelnemen aan de staking) om het aangepaste vervoersaanbod te organiseren.

Let wel, er wordt enkel in een aangepast vervoersaanbod voorzien indien de ondernemingen over een voldoende aantal personeelsleden in elk van die beroepscategorieën beschikken. De gedelegeerd bestuurder van de NMBS (of een plaatsvervanger) geeft de opdracht tot uitvoering van het aangepaste vervoersplan tijdens de stakingsdag.

De reizigers worden uiterlijk 24 uren voor het begin van de stakingsdag op de hoogte gebracht via alle mogelijke communicatiemiddelen. De personeelsleden mogen het verstrekken van het vervoersaanbod niet belemmeren. Denk bijvoorbeeld aan het blokkeren van de arbeidsplaats.
De betrokken ondernemingen nemen 72 uren vóór de staking kennis van het aantal beschikbare personeelsleden. Aangezien zij de reizigers 24 uren van tevoren over een aangepast vervoersplan moeten informeren, beschikken zij over 48 uren om dat plan uit te werken.

Intentie

Belangrijk. Tenzij er een behoorlijk bewezen geldige reden is, delen de personeelsleden van de operationele beroepscategorieën uiterlijk 72 uren vóór het begin van de stakingsdag hun definitieve intentie mee. Of ze al dan niet aan de stakingsdag deelnemen. In een verklaring geeft het betreffende personeelslid dus aan of hij al dan niet aan de staking zal deelnemen, en of men dus op hem kan rekenen.

Onder stakingsdag wordt verstaan elke periode van 24 uren, te rekenen vanaf het uur van het begin van de staking zoals vermeld wordt in de stakingsaanzegging. De informatieverplichting is enkel van toepassing op de personeelsleden van wie de aanwezigheid op de bepaalde stakingsdag wordt verwacht.

Bij een staking van meerdere dagen onder dezelfde aanzegging delen de personeelsleden van de operationele beroepscategorieën, uiterlijk 72 uren vóór de eerste stakingsdag waarop hun aanwezigheid voorzien is, hun definitieve intentie mee. Of ze al dan niet aan de staking deelnemen en dit voor elke stakingsdag waarop hun aanwezigheid voorzien is.

Het personeelslid kan zijn verklaring wijzigen. Dat kan:

tot 48 uren vóór elke stakingsdag met uitzondering van de eerste dag, als ze tijdens die stakingsdag wensen te werken;

tot 72 uren vóór elke stakingsdag met uitzondering van de eerste dag, als ze tijdens die stakingsdag wensen te staken.

Op die manier krijgen de personeelsleden voldoende tijd om te beslissen of zij al dan niet aan de staking zullen deelnemen. En tegelijk krijgen de betrokken ondernemingen (Infrabel en de NMBS) voldoende tijd om het vervoersaanbod te regelen.

De intentieverklaringen worden vertrouwelijk behandeld, met als enig doel de dienst te organiseren op basis van de beschikbare personeelsleden op de stakingsdag.

Sanctie

Er is ook sprake van een sanctie. Wie zijn intentie om al dan niet aan de stakingsdag deel te nemen niet op tijd kenbaar maakt, stelt zich bloot aan een tuchtsanctie. Wie zijn verklaring niet naleeft, kan ook een tuchtsanctie krijgen, tenzij er een behoorlijk bewezen geldige reden is.
De wetgever hecht belang aan de sanctie omdat de nieuwe regeling steunt op de vrijwilligheid van de personeelsleden. Het is dus van belang dat de betrokken personeelsleden hun verklaringen naleven. Wanneer de verklaring niet wordt nageleefd, dan is dat nadelig voor de dienstverlening die wel mogelijk zou zijn geweest bij het respecteren van die verklaring.

De personeelsleden die aan de stakingsdag deelnemen, ontvangen geen loon voor de duur van de werkonderbreking.

Worden gelijkgesteld met personeelsleden die deelnemen aan de stakingsdag:

de personeelsleden die hun intentie om te werken kenbaar hebben gemaakt en zich niet aandienen op hun arbeidsplaats, zonder een behoorlijk bewezen geldige reden;

de personeelsleden die zich op hun arbeidsplaats aandienen, maar die geen toestemming krijgen om hun dienst uit te voeren, omdat ze hun intentie om te werken niet kenbaar hebben gemaakt.

In werking

De wet van 29 november 2017 treedt in werking op 27 januari 2018. Dat is tien dagen na publicatie in het Belgisch Staatsblad.

Bron: Wet van 29 november 2017 betreffende de continuïteit van de dienstverlening inzake personenvervoer per spoor in geval van staking, BS 17 januari 2018