Wil erflater primeert bij levensverzekeringen

Wanneer de wettelijke erfgenamen als begunstigden worden aangewezen zonder bij name te zijn vermeld, is de verzekeringsprestatie voortaan verschuldigd aan de nalatenschap van de verzekeringnemer. Dit onder voorbehoud van tegenbewijs of andersluidend beding.

Met deze aanvulling van de Wet op de Landverzekeringsovereenkomst vermijdt de wetgever dat de levensverzekering toekomt aan een persoon die niet gewenst is door de erflater.

Wettige erfgenamen

Op dit moment komt de levensverzekering toe aan de wettige erfgenamen, indien geen andere begunstigde is aangewezen in de levensverzekeringsovereenkomst. Dat staat ook in het standaardformulier van de verzekeringsnota. Maar in de praktijk leiden die standaardcontracten tot ellenlange discussies en procedures. Want de uitkomst van die regeling strookt vaak niet met de wil van de erflater.

Klassiek voorbeeld is de kinderloze oom die al 35 jaar samenwoont met zijn vriendin. Zelfs indien de erflater bij testament alles aan zijn partner overmaakt, zullen de tegoeden uit de levensverzekeringsovereenkomst, volgens het contract, toch toekomen aan de wettige erfgenamen.

Nalatenschap

Maar daar komt nu dus verandering in. Dankzij de wet van 13 januari 2012 primeert de wil van de erflater. Want voortaan ontvangt de testamentaire erfgenaam de premie indien er geen echtgenote of kinderen (reservataire erfgenamen) zijn. Zijn er meerdere begunstigden, dan wordt de levensverzekering pro rata verdeeld onder de testamentaire erfgenamen.

De verzekeringsprestatie valt dus in de nalatenschap wanneer de wettelijke erfgenamen worden aangeduid met de generieke term 'wettelijke erfgenamen', tenzij de erflater duidelijk heeft bedongen dat hij dit niet wenst. De nalatenschap wordt aangewezen als begunstigde:

Is er geen testament, dan zijn de begunstigden inderdaad de wettelijke erfgenamen.

Is er wel een testament, dan wordt het kapitaal verdeeld volgens de testamentaire bepalingen. Afhankelijk van de legaten zal er nog iets overblijven voor de wettelijke erfgenamen.

Overgang

De wet van 13 januari 2012 treedt in werking op 5 maart 2012. Dat is 10 dagen na publicatie in het Belgisch Staatsblad. De nieuwe regeling is van toepassing op de levensverzekeringsovereenkomsten die vanaf dan worden afgesloten.

Maar er geldt wel een overgangsregeling voor de lopende overeenkomsten, afgesloten vóór de inwerkingtreding van de nieuwe regeling. Op die manier kunnen de verzekeraars hun verzekeringnemers voldoende informeren. Er wordt immers een essentieel element van de overeenkomst gewijzigd.

Gedurende twee jaar kan de verzekeringnemer op initiatief van de verzekeraar uitdrukkelijk verklaren dat hij afziet van de toepassing van het nieuwe artikel uit de Wet op de Landverzekeringsovereenkomst. Dit gebeurt via een bijvoegsel bij de polis, getekend door de verzekeringnemer en de verzekeraar.

Komt er geen uitdrukkelijke verklaring, dan vallen de lopende levensverzekeringsovereenkomsten bij het verstrijken van de overgangstermijn onder de nieuwe regeling.

Bron: Wet van 13 januari 2012 tot invoeging van artikel 110/1 in de wet van 25 juni 1992 op de landverzekeringsovereenkomst, wat de aanwijzing betreft van een begunstigde in een levensverzekeringsovereenkomst, BS 24 februari 2012

Zie ook:
Wet van 25 juni 1992 op de landverzekeringsovereenkomst, BS 20 augustus 1992